Wat als Amsterdam zichzelf zou kunnen voeden? Een stad waarin voedsel niet van de andere kant van de wereld hoeft te komen, maar waar het wordt geproduceerd in en rondom de stad. Waar lege daken, bedrijventerreinen en stadsranden ruimte maken voor voedselproductie, bewoners gezamenlijk voedsel organiseren en korte ketens zorgen voor verser voedsel, minder transport en meer grip op wat er op ons bord ligt. Maar hoe realistisch is een meer voedselautonome stad eigenlijk? Welke ruimte vraagt voedsel in een stad waar iedere vierkante meter onder druk staat? En maakt meer lokale voedselproductie ons daadwerkelijk minder afhankelijk en weerbaarder?
Tegelijkertijd groeit het besef dat voedsel geen vanzelfsprekendheid is. Klimaatverandering, geopolitieke spanningen en verstoringen in internationale handelsketens laten zien hoe afhankelijk steden zijn van een mondiaal voedselsysteem. Wat betekent dat voor Amsterdam en welke rol kunnen lokale en regionale voedselnetwerken daarin spelen?
Onderzoekers, beleidsmakers en lokale voedselinitiatieven gaan met elkaar in gesprek over de toekomst van voedsel in de stad. Over grond, distributie, technologie, gemeenschap en de politieke keuzes die nodig zijn om voedsel een grotere plek te geven in Amsterdam.
Over de sprekers
Nastasha Hulst is betrokken bij Voedselpark Amsterdam, het initiatief dat strijdt voor het behoud van de Lutkemeerpolder als landbouw- en voedselgebied in plaats van verdere bebouwing. Haar werk draait om vragen van grondgebruik, commons, voedselsoevereiniteit en burgercollectieven. Verder is Natasha actief binnen het Schumacher Center for a New Economics en Bioregional Weaving Labs.
Melika Levelt is senior onderzoeker en projectleider binnen het lectoraat Mainport Logistiek. Haar onderzoek richt zich op duurzame stedelijke voedselsystemen, met name in de regio Amsterdam, en participatie in stedelijke ontwikkeling. In haar werk kijkt zij kritisch naar de rol van lokale voedselinitiatieven, korte ketens en stedelijke voedselproductie. Ze brengt een systeemblik op de vraag hoe steden zich kunnen voorbereiden op een onzekere voedseltoekomst.
Ard van de Kreeke is oprichter en CEO van Growy, een Amsterdamse vertical farm die met behulp van technologie, automatisering en gecontroleerde teelt voedsel in de stad produceert. Vanuit zijn achtergrond als biologisch boer onderzoekt hij hoe voedselproductie dichter bij consumenten kan plaatsvinden. Met Growy werkt hij aan een toekomst waarin lokaal, betaalbaar en duurzaam voedsel onderdeel wordt van het stedelijk landschap.
Jan-Eelco Jansma onderzoekt de relatie tussen voedsel, landbouw en ruimtelijke ontwikkeling. In zijn werk verkent hij hoe voedselproductie een plek kan krijgen in en rondom steden en welke rol dit speelt in duurzame en leefbare gemeenschappen. Vanuit zijn onderzoek naar onder andere Oosterwold houdt hij zich bezig met de vraag hoe voedsel opnieuw onderdeel kan worden van de manier waarop we onze leefomgeving ontwerpen.
Antonia Weiss is historica en architecte en verbonden aan Wageningen University en het AMS Instituut. Haar onderzoek richt zich op de veranderende rol en betekenis van eetbaar groen in het stedelijke landschap. Antonia is daarnaast medeoprichter van Stichting Women on Food, een initiatief dat zich inzet voor een rechtvaardiger voedselsysteem en voor het erkennen en benutten van culinair en horticultureel erfgoed binnen diasporische gemeenschappen.
De Duitse stad Andernach heeft sinds 2010 delen van haar openbare groen omgevormd tot eetbare publieke ruimte. Bewoners mogen er groenten, fruit en kruiden oogsten uit stadsparken.
Een documentaire over hoe Cuba na een economische crisis noodgedwongen overstapte op lokale voedselproductie en stadslandbouw.