Het Europees Parlement heeft op 10 februari steun uitgesproken voor het ontwikkelen van een digitale euro door de Europees Centrale Bank (ECB). In 2026 zal het Europees Parlement besluiten over de wetgeving die het mogelijk zal maken om te kunnen starten met ontwerpen en testen van de digitale Europese munt. Hoe onderscheidt deze munt zich van het geld op onze bankrekening? Wat voegt deze nieuwe betaalmethode toe en op welke manieren beïnvloedt het ontwerp ervan ons financiële systeem? 

Wat is de digitale euro?

Voor een lange tijd was contant geld ons primaire betaalmiddel. Bankbiljetten en munten worden uitgegeven door de Europese Centrale Bank en zijn onderdeel van een publieke infrastructuur. Zo’n publieke vorm van geld levert geen geld op voor private banken en partijen die bij elke transactie een klein deel van de betaling toe-eigenen. In de digitale betaalwereld bestaat zo’n publieke variant echter nog niet. Het geld dat we op onze bankrekening bewaren wordt namelijk beheerd door private banken. En daarnaast zijn we voor onze digitale betalingen afhankelijk van de infrastructuur van buitenlandse partijen zoals Mastercard of Visa. Aan dit digitale financiële verkeer wordt flink verdiend.

De digitale euro is de Europese versie van central bank digital currencies oftewel CBDC’s. Deze type munt biedt consumenten de mogelijkheid om hun geld te sparen bij een publieke partij die werkt via een publieke infrastructuur. Op deze manier zou je altijd zeker zijn dat betalen en sparen gratis is. Bovendien weet je precies wat er met jouw geld gebeurt. Vergelijkbaar met cash heb jíj́ alleen de toegang tot jouw portemonnee en kan de commerciële bank er niet bij of inzien wat jij uitgeeft. Wereldwijd worden door landen digitale munten vormgegeven om zo hun digitale economie te versterken. Zo worden in de VS stablecoins ontworpen: digitale crypto die altijd de waarde van 1 dollar vasthouden. Ondanks dat deze coins wel onderdeel zijn van private techbedrijven, helpen ze de bescherming van de dollar als internationaal veel gebruikte valuta. 

De oorsprong van de digitale euro

Na de financiële crisis van 2008 werd duidelijk dat de maatschappij niet kan steunen op een systeem dat wordt beheerst door commerciële banken. In een wereld die steeds digitaler wordt, krijgen private partijen te veel macht over betaalverkeer en geldcreatie. Wanneer een financiële crisis uitbreekt en banken niet overeind blijven, verliezen consumenten de grip op hun geld. 

In 2014 bracht Stichting Ons Geld het onderwerp weer op: kredietverlening en geldcreatie moeten uit elkaar getrokken worden om een veilige haven te creëren voor consumenten. Deze discussie leidde tot een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). In 2019 publiceerde zij het advies voor een digitale euro die dit weer in balans kan brengen. Deze publieke digitale valuta biedt een vangnet voor Europese burgers en stimuleert de bankensector om minder risico te nemen. Naast dit rapport, was het ook de in 2019 aangekondigde stablecoin Libra van Facebook die de ECB uitdaagde tot het nadenken over een eigen digitale eenheid. ‘De privatisering van geld door een partij met meer dan twee miljard gebruikers zet de monetaire soevereiniteit van landen op het spel,’ zei de Franse minister van Financiën Bruno Le Maire. ‘Dit kan en mag niet gebeuren.’

De meerwaarde van publiek geld

Terwijl commerciële banken zelf graag een stablecoin zouden willen ontwikkelen voor Europese consumenten, zien sommige meer voordeel in een digitale valuta die wordt beheert door de ECB. 

Zo schrijft Sustainable Finance Lab samen met zeventig economen een brief aan het Europese Parlement waarin het belang van deze publieke digitale infrastructuur wordt onderschreven. Volgens deze groep experts kan de digitale euro niet alleen onafhankelijkheid bieden van Amerikaanse tech, maar ook een alternatief systeem vormen dat bijdraagt aan Europese economische stabiliteit. Arnoud Boot, econoom en ondertekenaar, legt uit op welke manier een digitale euro een vangnet kan bieden: ‘Als je nu ziet hoe in de VS de centrale bank onderuit wordt gehaald. En als we dan in de toekomst kijken naar een scenario, waarin we een Europese Trump krijgen. Wat gaat dat dan betekenen? Want dan heb je alle macht geconcentreerd in een instelling die kan worden misbruikt.’

Om de macht over de digitale betaalwegen dus binnen Europa te houden en te zorgen dat commerciële banken de financiële sector niet geheel in handen hebben, zou de digitale euro een gezonde balans kunnen waarborgen. Bovendien geeft dit publieke systeem consumenten de mogelijkheid om hun spaargeld zelf te bezitten, in plaats van dat een commerciële bank belooft dat geld voor ze te bewaren. In scenario’s waarin onze huidige financiële infrastructuur niet meer werkt, zoals stroomuitval of netwerkstoringen, zou een digitale euro zo kunnen worden ontworpen dat we er alsnog offline bij kunnen. In een wereld waarin cash steeds ongebruikelijker wordt, biedt dit burgers zekerheid. 

Hoe staat het er nu voor?

Het ontwerp van de publieke infrastructuur van deze munt wordt op dit moment nog volop besproken. Terwijl het wetsvoorstel van de Europese Commissie al een tijd klaar ligt, zit het plan nog in de onderzoeksfase bij het Europees Parlement. Hierbij wordt bepaald wat juridisch en technisch mogelijk is. Nu lijkt het erop dat, onder invloed van de bankenlobby, de digitale euro beperkt wordt tot een maximum van 3000 euro per bankrekening. Ook hebben zestien Europese banken (waaronder ING, ABN Amro en Rabobank) het collectieve European Payment Initiative opgericht. Zij werken  aan een Europees alternatief voor de veelgebruikte Amerikaanse betaalmethodes zoals Mastercard en Visa. De commerciële banken geloven dat een digitale munt van de ECB de innovatie van de bankensector in de weg zou staan. 

De ECB ziet de digitale euro juist als middel voor weerbaarheid en autonomie. In de brief van SFL wordt ook gewaarschuwd dat het maximale spaartegoed essentieel is om een aantrekkelijk alternatief te vormen voor commerciële bankrekeningen. Daarnaast duidt de brief aan dat een hogere holding limit juist meer stabiliteit in de bankensector oplevert. Volgens Paul Tang, oud-Europarlementariër namens PvdA, brengt de digitale euro een voordeel met zich mee dat een private stablecoin of betaalsysteem niet kan garanderen: ‘De digitale euro lijkt nu alleen nog maar te gaan over betalen en niet meer over sparen. En dat was het oorspronkelijke probleem: is ons spaargeld wel veilig bij grote banken? En het antwoord daarop is nog steeds: nee, niet voldoende.’

Meer weten?

Publiek geld zoals cash en een digitale euro raken de gevoelige snaar van commerciële banken, creditcardmaatschappijen en techbedrijven. Financieel journalist Brett Scott vertelt in een VPRO Tegenlicht Special waarom publieke infrastructuur zo belangrijk is en de private financiële sector in de weg staat, aan de hand van contant geld:

Wie profiteert er van een wereld zonder contant geld? Brett Scott vertelt | VPRO Tegenlicht

De digitale euro zou zomaar in 2026 groen licht kunnen krijgen. Wellicht krijgen wij dan vanaf 2028 of 2029 de mogelijkheid om bij de ECB een rekening te openen. Hoe we deze munt zouden kunnen gebruiken en wat voor rol die gaat spelen in de maatschappij staat nog op het spel. Wil jij verder in dit dossier duiken en meepraten met experts over de toekomst van ons betaalsysteem? Kom dan op 8 mei naar de VPRO Meet Up in Pakhuis de Zwijger, waar we samen met journalist Thomas Bollen, Europarlementariër Lara Wolters en DNB’er Menno Broos aan de hand van de Tegenlicht Special in gesprek gaan. Meld je gratis aan via deze link. Meer informatie over dit programma vind je hier