Aan de vooravond van Werelddierendag staan we stil bij onze relatie met dieren en gaan we in gesprek over een nieuw plantaardig menu voor de stad tijdens de vierde editie van Eet mij Niet. In aanloop naar het programma gaan we in gesprek met Lisa Stel, ook wel bekend als Lisa goes Vegan. Zij zet zich als influencer al jaren online inzet voor een meer diervriendelijke wereld. Wat is Lisa’s ervaring met een plantaardig aanbod in Amsterdam? En wat is de rol van de media in de overstap naar een diervriendelijk menu voor de stad?

Je bent begonnen met Lisa goes Vegan in 2015. Kun je uitleggen waarom je dit platform bent begonnen?In 2015 begon ik zelf aan mijn reis naar meer plantaardig eten. Ik at zelf superveel vlees en andere dierlijke producten en dacht bij mezelf, ‘dat kan wel wat minder’. Ik ben op zoek gegaan naar recepten, wetenschappelijke informatie en andere kennis, en besloot toen vanwege ethische redenen om echt vegan te worden. Via mijn platform Lisa goes Vegan wilde ik deze reis delen, om zo mensen te enthousiasmeren om meer plantaardig te eten. Dit is inmiddels uitgegroeid tot een groot online platform. We zijn drie kookboeken verder en ik heb veel (kook)workshops en presentaties mogen geven om mensen te inspireren om wat vaker plantaardig te eten. Vegan worden was nooit het plan, maar vaker plantaardig eten beviel op een gegeven moment zo goed, dat ik nooit meer anders wilde.

Je bent dus al ruim 10 jaar vegan. Wat is jouw ervaring met plantaardig aanbod in Amsterdam? En hoe is dit gedurende de jaren veranderd? Mijn platform startte in de jaren dat veganisme nog niet zo gangbaar was als dat het nu is. Het begon toen eigenlijk net een beetje te leven, maar stond echt nog in de kinderschoenen. In de loop van 2018, 2019 merkte ik dat er veel vegan restaurants werden opgezet. Deze restaurants hadden als ‘unique selling point’ dat ze vegan waren en adverteerden hier ook sterk mee. Ik ervaarde dat als een warm bad, dat je ergens binnenloopt en weet dat alles vegan is. Als ik dat vergelijk met nu merk ik dat je tegenwoordig best wel even moet zoeken, als je ergens vegan wilt eten. Je kunt op veel plekken nog steeds erg goed eten zonder dierlijke producten, maar het is niet meer zo uitgesproken in de marketing van restaurants als enkele jaren geleden.

Waarom denk je dat die marketing minder uitgesproken is?Lastig, ik denk dat het misschien minder meer hip is om vegan te zijn? De nieuwigheid is eraf. Het woord vegan heeft voor velen een wat negatievere connotatie gekregen, een soort ‘moetje’. Veel mensen gaan uiteten om lekker te eten, een avondje te genieten, en ik denk dat mensen dan minder bezig zijn met wat beter is voor de wereld. Tegelijkertijd geloof ik dat mensen zeker bereid zijn om de juiste keuze maken, alleen hebben velen van ons daar minder headspace voor, en dat begrijp ik. Het werkt denk ik beter om de smaak centraal te stellen, het moet vooral lekker zijn. Vegan gerechten verdienen wat mij betreft evenveel liefde van de chef als de vlees- en visgerechten. Wie gewoon lekker wil eten, kijkt niet naar een apart kader met vegan gerechten. Daarom zou ik de plantaardige gerechten tussen de andere gerechten op de kaart opnemen. Juist bij dat stille midden valt de meeste winst te behalen. Gedragswetenschappelijk onderzoek bevestigt dit ook, dat een ‘silent revolution’ effectiever is dan expliciet communiceren over labels.

Je bent zelf natuurlijk ook betrokken bij deze ‘silent revolution’ als influencer. Wat is de rol van de media en influencers in de overstap naar een diervriendelijk menu?De media spelen een hele belangrijke rol in het imago van eten en ik denk dat wij (influencers), als individuen, maar ook gezamenlijk als collectief moeten kijken hoe we een bijdrage kunnen leveren om het voedselsysteem een eerlijkere en diervriendelijkere kant op krijgen. Als mensen willen we graag ergens bij horen, we kijken naar anderen, en dus ook naar influencers. Hoe we bepaalde trends, gerechten, recepten of culturen weergeven maakt dus veel uit. Er zijn ontzettend veel culturen die van oudsher plantaardig zijn, via de media kunnen we mensen dus ook met deze mooie en rijke keukens kennis laten maken, en tonen dat plantaardig eten niet alleen begint bij het nieuwste hippe café. Vooral jongeren zijn vaak nog zoekende naar wie ze zijn en laten zich sterk inspireren door wat ze in de media zien. Juist daar kunnen we laten zien hoeveel mogelijkheden er zijn, zodat plantaardig eten voor hen een logische en aantrekkelijke keuze wordt.

Wat hoop je voor de toekomst van een plantaardig aanbod in Amsterdam?Ik hoop dat we naar een moment gaan in deze voedseltransitie waarin vegan apolitiek is. Dat minimaal de helft van het aanbod in restaurants plantaardig is, zonder dat we daar veel over hoeven te bakkeleien met elkaar. Ik sta iets verder van de jongere generatie af, maar ik zie veel jongeren die naar alle demonstraties gaan waar ik ook ben. Het gaat om hun toekomst, en zij zijn zich hier al op veel jongere leeftijd bewust van dan toen ik hun leeftijd had. Dat geeft mij ook hoop. In onze voedselkeuzes moeten we de sweet spot tussen gemak, gezondheid, lekker, diervriendelijk en betaalbaar zien te vinden. En dat blijft best een puzzel, maar met plantaardig eten heb je alvast één van de belangrijkste stukjes in handen.

Op vrijdag 2 oktober praten we verder over de overstap van de Amsterdamse horeca naar een diervriendelijk menu tijdens de vierde editie van Eet mij Niet. Vooraf aan het programma wordt er een heerlijk plantaardig diner geserveerd door volkskeuken De Sering. Wil je gezellig mee-eten en samen met ons het gesprek over een diervriendelijk menu voor Amsterdam voeren? Meld je dan aan via deze link!