Thuis zijn betekent alles hier kennen; je ouders hier hebben; een rondje kunnen fietsen om je basisschool en je jeugdvrienden spontaan op kunnen bellen. Het betekent blind door de stad kunnen fietsen, nauwelijks op Google Maps hoeven letten. Als je hier geboren bent, voelt dat alles vanzelfsprekend. Maar wat als je dat niet bent? Wat als je hier op je dertiende aankomt? Alles wat je kent moet achterlaten, en alles wat nieuw is in recordtempo moet zien te begrijpen. Enkele weken geleden kwam ik in contact met transmediaal kunstenaar Tina Farifteh. Ooit was haar thuis Tehran, Iran. Inmiddels is ze bijna dertig jaar hier, in Nederland. In haar werk is Tina al jaren bezig met thema’s als migratie, ontworteling en empathie. ‘Tina in Sexbierum’ is haar allernieuwste project. In deze documentaireserie zoomt ze specifiek in op dat kleine, allesomvattende woordje: thuis. Op woensdag 10 juni duiken we uitgebreid in Tina’s kunstenaarschap, maar speciaal voor onze nieuwsbrief-lezers hebben we hier alvast een sneak peek van Tina’s Friese avonturen.
Tina, waarom verhuist een Amsterdamse kunstenaar plotseling naar dit Friese dorp?
Ik was net afgestudeerd aan de kunstacademie en Amsterdam was op dat moment gewoon te duur geworden. Ik had daarnaast ook echt behoefte aan wat meer rust en ruimte om me heen. Eigenlijk is het natuurlijk vreemd dat je als beginnend maker moet kiezen tussen ‘zijn waar je wil zijn’, en ‘maken wat je wil maken’. Want op de plek waar ik graag wilde zijn (Amsterdam, waar mijn vrienden en collega’s woonden) had ik niet de ruimte om te doen wat ik wilde doen. Ik wist dat ik heel graag een autonome praktijk wilde opbouwen als kunstenaar, dus ik dacht: ik kies voor wat ik wil doen, en dan betekent het maar dat ik tijdelijk uit Amsterdam weg moet.
Ik zocht specifiek iets bij de Waddenzee. Toen ik mijn afstudeerwerk The Flood maakte – dat gaat over het gebruik van water als metafoor om vluchtelingen te dehumaniseren – deed ik een roadtrip langs de Nederlandse wateren. Ik was toen echt verliefd geworden op de zeedijk en de Waddenzee. Toen ik wegging uit Amsterdam, wat ik vaak een ‘semi-vrijwillige ballingschap’ noem, dacht ik: ik ga langs die lijn zoeken. Welk dorp precies maakte me in eerste instantie niet zoveel uit. Wel dacht ik: als het toch willekeurige keuze wordt, laat mijn nieuwe woonplek dan tenminste een leuke naam hebben. Sexbierum vond ik wel iets voor mij. Er bleek toevallig één piepklein huisje tegenover de kerk te huur te staan. Perfect. Toen heb ik mijn spullen gepakt.
In de serie staat het concept ‘thuis zijn’ centraal. Wat aan wonen in Sexbierum triggerde die zoektocht naar een thuis?
Ik denk dat zowel het landschap als de gemeenschap dat hebben getriggerd. In eerste instantie het landschap, omdat het hier zo open is. In Amsterdam is alles verhard met asfalt of stenen en kun je de aarde eigenlijk helemaal niet zien. Hier kwam ik en zag ik al die open velden vol klei. Ik voelde ineens een enorm verlangen om erin te willen. En om te willen wortelen. Tegelijkertijd begon ik door dat open landschap, dat zo anders is dan het landschap van mijn jeugd, de bergen en woestijnen uit Iran enorm te missen.
En daarnaast kwam het door de mensen. In Amsterdam was ik omringd door allemaal andere mensen die ook ontworteld waren; het was daar bijna normaal dat je ergens anders vandaan komt, er tijdelijk bent en weer weggaat. Maar hier in het dorp is iedereen zo extreem geworteld. Ik dacht echt: wow. Heel veel mensen zijn hier geboren, hun ouders ook, ze spreken allemaal Fries en willen nooit meer weg. Mijn buren kunnen gewoon elke dag langs het graf van hun ouders, grootouders en familieleden lopen. En ik realiseerde me ineens: ik kan helemaal nooit een graf van mijn familie bezoeken. Als je omringd bent door zulke extreem gewortelde mensen, triggert dat het gevoel van: oh ja, dit heb ik allemaal niet.
Je ontmoet in het dorp bijzondere figuren, waaronder aardappelboer Auke: “je beste vriend in Sexbierum”. Wat maakt dat het klikte tussen jullie, ondanks de verschillen?
Ja, dat was een soort liefde op het eerste gezicht. Ik dacht gelijk: wat een figuur! Toen ik hem voor het eerst zag, vond ik hem heel erg lijken op een soort eigenwijze Sinterklaas. We hebben elkaar ontmoet op een lokale verhalenavond waar we allebei voor waren uitgenodigd. Hij vertelde een prachtig verhaal, helemaal uit zijn hoofd en met heel veel emotie. Ik kom zelf uit Iran, ook uit een familie van verhalenvertellers, dus dat sprak me meteen aan.
Ik denk dat Auke in eerste instantie verbaasd was dat er iemand in het dorp woonde die hij níet kende, want hij kent iedereen hier. Hij vond mij denk ik om die reden interessant. Ik had die avond een verhaal verteld over de Iraanse vrouwen en hun strijd, en daardoor was hij heel erg geraakt. De volgende dag kwam hij meteen bij me langs, om te vragen of hij mijn verhaal mocht meenemen in het lokale krantje. Dat is waar onze vriendschap is begonnen.
Voor mij was het ook de realisatie dat ik in Nederland helemaal geen oude mensen kende. Als je geen familie in de buurt hebt, mis je het contact met opa’s en oma’s. Auke vertelt mij heel veel over hoe het vroeger op de boerderij was, en ik vertel hem verhalen uit Amsterdam en Iran.
Wat heeft jou het meest verrast aan deze Sexbierummer gemeenschap?
Ik ging er eigenlijk zonder verwachtingen in, met een soort kinderlijke naïviteit. Mijn vrienden in de stad hadden daarentegen allemaal vooroordelen en verwachtingen, en dat waren geen positieve! Omdat ik altijd in grote steden heb gewoond, wist ik niet eens dat er zulke hechte gemeenschappen bestonden. Ik dacht gewoon: ik ga daar zitten, ik ken niemand, ik kan lekker anoniem en onopvallend werken. Maar ik had meteen door dat het hier zo niet werkt. Ik was mijn laatste doos aan het uitladen toen mijn buurvrouw al riep: ‘Lust je ook een slokkie?’ Voordat ik het wist, zat ik bij haar thuis. In Amsterdam doe je er jaren over voor je bij iemand over de vloer komt! De volgende dag werd ik met een kater wakker en stond een andere buurvrouw in mijn tuin mijn heg te snoeien! Toen dacht ik wel: oh ja, dat anoniem zijn gaat hem hier niet worden. Maar echt de gemeenschap leren kennen gebeurde pas na twee jaar, toen ik besloot deze serie te maken. Ik dacht: ik kan dit verhaal niet vertellen zonder met de gemeenschap te gaan praten.
De avond in Pakhuis de Zwijger gaat over ‘wat het vraagt om empathisch te zijn’. Werd jouw eigen inlevingsvermogen tijdens het filmen weleens op de proef gesteld?
Absoluut, dat is door de hele serie heen het centrale thema. Bij mijn eerdere werk Kitten of Vluchteling? onderzocht ik de theorie achter empathie: hoe werkt het, waarom reageren we sterker op de een dan op de ander? Ik zie het als een soort masterclass in empathie. En Tina in Sexbierum is dan het praktijkexamen! Ik stelde echt mijn eigen inlevingsvermogen op de proef: kan ik empathisch zijn voor mensen die heel andere denkbeelden hebben dan ik? En kunnen zij dat voor mij zijn?
Wat ik heb geleerd is dat je vooroordelen alleen kan aanpakken door ontmoetingen. Echt contact maakt alles ‘rommelig’. Van een afstand zijn mensen abstract: een ‘ander’ waar je geen gevoel bij hebt. Maar als je contact hebt, zie je ook hoe liefdevol ze zijn; hoe ze zorgen voor elkaar. Je kunt ze dan niet meer diskwalificeren puur omdat ze anders naar de wereld kijken. Dan wordt het genuanceerd.
Dat zag je ook bij Auke. Hij is heel eerlijk en zei vaak: “Ik kan me daar niks bij voorstellen,” wanneer het ging om de onderdrukking van vrouwen in Iran of om protesten tegen Zwarte Piet. Maar na het zien van de serie en het ontmoeten van mijn Amsterdamse vrienden, begon dat te veranderen. Inmiddels leest hij alle krantenartikelen over Iran en denkt hij dan aan mij.
Ik bedacht me dat mijn vrienden in Amsterdam en de mensen in dit dorp elkaar niet snel op een natuurlijke manier zouden tegenkomen. Ze hebben allemaal stellige beelden over elkaar, en dat is deels omdat ze elkaar niet ontmoeten. Mijn grote doel was: een ruimte creëren waar deze twee groepen elkaar wél kunnen ontmoeten. Dat er bij de première een hele groep vrienden, collega-kunstenaars en activisten uit Amsterdam naar het dorpshuis kwam om samen met de Sexbierummers naar deze serie te kijken – een serie die een spiegel vormt voor iedereen in de zaal – dat was een droom die uitkwam.
Geïnteresseerd? (Of gewoon laaiend enthousiast?) Dan moet jij woensdag 10 juni 20:00 naar Pakhuis de Zwijger komen! Tina Farifteh gaat samen met moderator en curator Rubiah Balsem in gesprek over de maatschappelijke thema’s die Tina’s werk omlijnen, en over kunstenaarschap in de wereld van nu. Reserveer hier snel je gratis plek!