Het is verkiezingsmaand en daarom staat Tegenlicht Meet Up van 21 oktober in het teken van de democratie. Hoe kunnen we de democratie weerbaarder maken? Moeten we vaker de straat op? Is het tijd voor een Derde Kamer van gelote burgers? En hoe bewaakt de journalistiek de democratie in tijden van nepnieuws?

Samen met Eva Rovers en andere gasten gaan we in gesprek over wat jij en ik kunnen doen om de democratische rechtsstaat te beschermen en verbeteren. In dit artikel geven we je vast een voorproefje van Waarom we politiek niet alleen aan politici kunnen overlaten dat sinds vorige week in de winkel ligt.

**

Er is een stille revolutie gaande. Te midden van alle politieke commotie, polarisatie, democratische afbraak en groeiende afkeer van alles wat met de overheid te maken heeft, gebeurt er iets bijzonders. Iets hoopvols. De afgelopen tien jaar is er in Europa

een spectaculaire toename te zien van inwoners die de politiek helpen om beleid te maken voor grote vraagstukken, zoals de energietransitie, klimaatverandering, migratie, de toekomst van de landbouw of het woningtekort. Mensen zoals jij en ik nemen deel

aan een burgerberaad en bedenken op die manier oplossingen voor dit soort vastgelopen of polariserende onderwerpen. En dat is pas het begin.

Op steeds meer plekken is dit geen incidenteel verschijnsel meer, maar bestaat er een permanent burgerberaad (wat ik een ‘burgerparlement’ noem), waardoor inwoners een vaste plek hebben gekregen in de democratische besluitvorming. Náást het gekozen bestuur bestaat daar dus een geloot burger­ parlement. Zo’n burgerparlement blijkt diepgewortelde verschillen te overbruggen, mensen dichter bij elkaar te brengen en hen besluiten te laten nemen waar de hele samenleving mee gediend is. Dat betekent minder polarisatie, beter beleid, meer vertrouwen in elkaar, in de politiek en in de democratie. Maar het is een stille revolutie, want weinig mensen weten ervan.

Met dit boek wil ik de schijnwerper richten op die ontwikkeling. Niet alleen omdat burgerparlementen die aandacht verdienen en deze tijd wel een hoopvol perspectief kan gebruiken, maar ook en vooral omdat er veel moed nodig is om deze ontwikkeling verder te brengen. Om te zorgen dat het niet bij een paar mooie voorbeelden in enkele gemeenten blijft, maar ook nationaal het nieuwe democratische normaal wordt.

Velen van ons ontbreekt het echter aan democratische moed – niet vreemd gezien de moedeloos stemmende ontwikkelingen binnen en buiten de landsgrenzen. Laat ik daarom beginnen met The Lord of the Rings.

 

De jonge Frodo Baggins heeft een prima leven. Zijn grootste verantwoordelijkheid is een verjaardagsfeestje organiseren voor zijn oom. Zorgen voor bier, eten en cadeaus. Dat ergens buiten de dorpsgrenzen het Kwaad aan het ontwaken is, boeit hem niet. Of beter gezegd: hij heeft geen idee. Hij heeft er geen last van, dus waarom zou hij er een idee van moeten hebben?

Tot de lokale tovenaar hem met zijn neus op de feiten drukt en hem vertelt dat hij, Frodo, het Kwaad kan stoppen. Iets met een ring die hij heeft geërfd. De enige manier om te voorkomen dat de hel losbreekt, is om af te reizen naar een vuurspugende Doemberg

om daar die ring te vernietigen voordat hij in verkeerde handen valt. Alleen Frodo kan voorkomen dat het dorp en de rest van Midden-aarde ten onder gaan. ‘Wat?!’ denkt hij. ‘Ik ben maar een simpele hobbit, dat is een veel te grote verantwoordelijkheid!’

 

Wij zijn bijna allemaal zoals Frodo aan het begin van dat boek. In onze rol als burger tenminste. De meesten van ons hebben niet het gevoel de aangewezen persoon te zijn om de toekomst van onze samenleving en de democratie te redden. Een mengeling van machteloosheid en onzekerheid weerhoudt ons ervan om antwoorden te vinden op de grote vragen van onze tijd.

Vragen als: Welke rol mag kunstmatige intelligentie spelen in onze samenleving en onder welke voorwaarden? Hoe wegen we de belangen van boeren, natuur, klimaat en economie? Hoe zorgen we dat iedereen betaalbare woonruimte kan krijgen? Wat kunnen we als rijke westerse democratie doen aan de ongelijkheid in binnen- en buitenland? Hoe gaan we om met democratisch gekozen partijen die de democratie ondermijnen? In hoeverre moeten we ons bewapenen om vrede op het continent te waarborgen? Ons antwoord is nu vaak: ‘Ik ben maar een simpele burger, dat is een veel te grote verantwoordelijkheid!’

 

De meesten van ons voelen zich niet sterk genoeg om een reis te ondernemen naar een maatschappelijke Doemberg en daar ingewikkelde, gevaarlijke of pijnlijke problemen te bevechten voor het gemeenschappelijk belang. Liever blijven we in het online dorp waar de wereldproblematiek gereduceerd wordt tot hapklare brokken of eenvoudigweg verdwijnt achter vakantiefoto’s, unboxingvideo’s, onmogelijke dansjes, beautytips, fitboys, kattenfilmpjes en andere vrolijke en woest makende afleiding.

Onze grootste verantwoordelijkheid, denken we, is opdagen bij het (vier)jaarlijkse verjaardagsfeestje van de democratie: de verkiezingen. Vaak is de keuze welk vakje rood te kleuren al geen makkelijke opgave, laat staan dat we de verantwoordelijkheid zouden hebben om nog veel ingewikkelder democratische afwegingen te maken. Daarvoor hebben we onvoldoende zelfvertrouwen. We voelen ons te klein, te onbeduidend.

**

Ben je benieuwd wat Eva Rovers hier nog meer over te vertellen heeft? Meld je dan hier aan voor het programma.

Deze tekst komt uit de inleiding van Waarom we politiek niet alleen aan politici over kunnen laten. Nieuwsgierig naar meer? Koop het boek of lees bijvoorbeeld dit artikel van De Correspondent.