De gevolgen van de klimaatcrisis worden steeds verwoestender, de ongelijkheid groeit, en toch blijft actie achter. Tijd dus, om rechtvaardigheid centraal te zetten. Aan elke onderhandelingstafel, in elk klimaatplan. Een week voor de VN-klimaattop bespreken we wat er tijdens de klimaatonderhandelingen op het spel staat. Aan tafel zit onder anderen Agnes Schim Van der Loeff. Als beleidsadviseur klimaatrechtvaardigheid voor ActionAid Nederland sprak ze eerder deze maand met Tweede Kamerleden over de noodzaak om just transition hoger op de politieke agenda te krijgen.

In de VN-klimaattoppen keren drie pilaren jaarlijks terug, legt ze uit. “Het terugdringen van uitstoot, de aanpassing aan klimaatverandering, en de financiering die rijke, vervuilende landen beschikbaar moeten stellen aan landen in het mondiale zuiden.” Naast deze thema’s is er dit jaar bijzondere aandacht voor just transition. Daarbij ligt de focus op hoe we ervoor kunnen zorgen dat die gigantische transitie naar een koolstofarme economie op een rechtvaardige, eerlijke en inclusieve manier gebeurt – voor werknemers, vrouwen en lokale gemeenschappen.” De gemarginaliseerde groepen moeten een centrale rol krijgen. Want “je kunt geen ambitieus klimaatbeleid hebben als je het niet ook over eerlijk klimaatbeleid hebt.”

Zo maakt ActionAid zich bijvoorbeeld hard voor de lokale gemeenschappen die naast een nikkelmijn of een kobaltmijn wonen. Gemeenschappen die de dupe worden van onze energietransitie hier in Nederland. “Dat is wat wij proberen te voorkomen: dat de energietransitie nieuwe ongelijkheid schept.”

Gendergelijkheid voor beter klimaatbeleid

Een belangrijk onderdeel van het werk van ActionAid is de koppeling tussen klimaat en gendergelijkheid. “De klimaatcrisis versterkt bestaande vormen van ongelijkheid,” legt Schim Van der Loeff uit. “En genderongelijkheid is helaas wereldwijd nog steeds een probleem. Eigenlijk is het er altijd, in alles. Als je geen rekening houdt met gender, dan vererger je de genderongelijkheid.” Door genderrollen zijn vrouwen in veel landen verantwoordelijk voor voedselvoorziening en zorg voor anderen. En klimaatverandering – met als gevolg droogte of andere klimaatrampen – heeft daardoor een grotere impact op wat er qua taken al bij vrouwen ligt. “Tegelijkertijd worden vrouw vaak uitgesloten van belangrijke besluitvorming.” Terwijl ze juist cruciale kennis hebben, zich inzetten voor het collectieve belang en initiatiefnemers zijn van lokale oplossingen.

Toch ziet Schim Van der Loeff ook vooruitgang op het gebied van gendergelijkheid. Steeds meer klimaatfondsen en beleidsprogramma’s houden rekening met gender, en er komt steeds meer aandacht voor de kracht van feministische oplossingen. Bijvoorbeeld met de door vrouwenorganisaties geïnitieerde Gender Justice Climate Solution Award die wordt uitgereikt aan feministische oplossingen voor de klimaatcrisis. Dat is een goede manier om te laten zien hoe lokale vrouwenorganisaties indrukwekkende projecten opzetten voor klimaat en voor gendergelijkheid. “Het laat zien dat door gendergelijkheid te verankeren, klimaatbeleid daar ook sterker en effectiever van wordt.” Maar dit is nog niet vanzelfsprekend. Als je gendergelijkheid niet expliciet meeneemt, valt het snel weg. “Daarom blijven we daar druk op zetten.”

Het proces van deze COP-onderhandeling moet ook eerlijk en inclusief zijn. “Voor gendergelijkheid op dat vlak is over de jaren heen meer aandacht geweest. Het aantal vrouwen dat meedoet is gegroeid. Maar het blijft wel nog achter, zeker als je kijkt naar bijvoorbeeld delegatiehoofden.” Er is dus nog steeds werk aan de winkel.

Hoe staat Nederland in die just transition en gendergelijkheid?

Volgens Schim Van der Loeff speelt Nederland tot nu toe een afwachtende rol in de just transition onderhandelingen. Het is niet een van de drie kernpilaren, maar juist daarom ziet ze het ook als een kans. “De EU en Nederland zetten zich erg goed in voor mensenrechten en gendergelijkheid, maar zonder concrete afspraken over de implementatie van die principes, blijft dat natuurlijk liggen. Daarom proberen we het gesprek te openen in Den Haag, zodat Nederland zich daar sterker voor uitspreekt.” Want in het Nederlandse klimaatbeleid, bijvoorbeeld bij het opstellen van een klimaatfonds wordt er wel rekening gehouden met gendergelijkheid. Dat zou ook in de internationale onderhandelingen vanuit Nederland moeten komen.

Tijdens de aankomende COP is wat maatschappelijke organisaties betreft de eerste stap het aannemen van het Belém Action Mechanism. Dit moet zorgen dat de principes voor een rechtvaardige transitie ook écht toegepast worden. Het is opvallend, vertelt ze, dat de Kamer hier vrij weinig mee bezig is, en dat het nog weinig op de radar staat.

Tijdens een recent debat over klimaatbeleid zag ze toch voorzichtig resultaat. “Kamerleden die met ons in gesprek gingen namen onze punten over en ook mee in het debat met de minister. Die heeft toegezegd er in haar volgende brief op terug te komen.” Daarmee lijkt het erop dat Action Aid meer aandacht weet te krijgen voor de noodzaak van een rechtvaardige transitie.

Een eerlijke verdeling van verantwoordelijkheid

Rechtvaardigheid gaat niet alleen over mensen binnen landen, maar ook tussen landen. “Rijke, vervuilende landen als Nederland hebben een historische verantwoordelijkheid,” benadrukt ze. “Landen in het mondiale zuiden kampen met schulden, droogte en overstromingen, maar krijgen nauwelijks financiële steun om hun transitie te maken. Dat ondermijnt hun vertrouwen in zulke onderhandelingsprocessen.” Ze hoopt dat het bewustzijn bij Nederland begint te groeien: “dat we die mitigatie doelen niet kunnen behalen als we niet ook stappen nemen om te zorgen dat iedereen daarin mee kan.” Er zijn koloniale manieren en strategieën opgezet die er vooral voor zorgen dat Nederland en Europa grondstoffen voor de transitie hier veiligstellen. “Zodat we nog gewoon allemaal onze dure levensstijl kunnen doorzetten en iedereen een elektrische auto kan rijden. Terwijl landen met veel grondstoffen daar zelf weinig aan verdienen. De lokale gemeenschap profiteert al helemaal niet. Zij raken land kwijt of leven in vervuilde lucht, terwijl ze niets zien van die winst. Dat laat zien dat je je niet kunt blindstaren op uitstoot zonder een breder perspectief van hoe dat op een rechtvaardige manier gebeurt.”

Stem klimaat

Ondanks de successen blijft Schim Van der Loeff realistisch over de politieke verhoudingen in Den Haag. “Het afgelopen kabinet was op dit vlak rampzalig. De Kamermeerderheid geeft op dit moment niets om sociale samenwerking. “Er is veel beleid afgebroken, en veel schade aangedaan, terwijl we een gigantisch probleem als klimaatverandering samen moeten aanpakken. Het kost veel tijd om alles wat is afgebroken weer op te bouwen.”

Toch is er ook hoop. De partijen die wél luisteren beginnen te begrijpen dat rechtvaardigheid geen bijzaak is, maar de kern van effectief klimaatbeleid. Als er straks een kabinet komt dat klimaatverandering serieus neemt, kunnen we meer bereiken. “En dat is de hoogste tijd, want de wereld wacht niet, de klimaatcrisis gaat gewoon door.”

Lees hier de Nederlandse samenvatting van de position paper, of het volledige engelstalige rapport.

Op dinsdag 4 november zetten we dit gesprek voort bij Pakhuis de Zwijger. We gaan tijdens het grootste event van de Feminist Climate Academy in gesprek over hoe Nederland het voortouw kan nemen in feminist climate action tijdens de klimaattop in Belém, Brazilië. Meld je hier gratis aan! Let op dit programma wordt in het Engels gevoerd.