Het boek Angstaanjagend normaal gaat over oorlogsmisdadigers, genocideplegers en terroristen. Wat zijn dat voor mensen? Wat drijft hen? Waarom doen ze wat ze doen? Van politieke leiders tot partij ideologen; van folteraars tot de organisatoren, van de meelopers tot de wapenhandelaren – steeds onderzocht ik hun levensloop, probeerde ik te begrijpen wat hun belangrijkste motieven waren en hoe ze tot zoiets gruwelijk in staat konden zijn. Wat was er toch mis met hen? Maar steeds nadrukkelijker drong de conclusie zich op dat veruit de meeste daders angstaanjagend normaal zijn, ‘terribly and terrifyingly normal’, zoals Hannah Arendt tijdens het proces van Eichmann in Jerusalem in de jaren zestig al stelde. Daders worden niet als zodanig geboren. De meeste daders zijn gewone mensen, zoals u en ik, die onder bepaalde specifieke omstandigheden tot daders verworden, vaak zonder dat ze het zelf door hebben.

Opvallend daarbij is dat daders zichzelf nooit als daders zien, maar altijd als slachtoffers die tegen het echte kwaad vechten. Het is juist dit vermogen van ons menselijk brein om de waarheid op z’n kop te zetten en onszelf als goed te blijven zien, zelfs als we extreem leed toebrengen en verschrikkelijke misdrijven begaan, dat zo gevaarlijk is en ons tot daders kan maken.

In dit boek laat ik aan de hand van vele daders en dadertypes zien hoe iemand een dader wordt; hoe verschillend daders zijn, hoe anders hun drijfveren kunnen zijn, hoe anders hun levenspad kan zijn, maar hoe ze toch allemaal op hun beurt bij verschrikkelijke misdrijven betrokken kunnen raken op heel uiteenlopende manieren. Een dader kan anderen martelen of vermoorden, of kan degene zijn die het bevel daartoe geeft, of die anderen hier door haat-zaaien toe aanzet. Daders kunnen politieke leiders zijn die het land besturen en repressief of genocidaal beleid uitzetten. Of ze kunnen de naaste medewerkers van die leiders zijn en zodoende degenen die dat beleid uitvoeren. Rijken uit de elite kunnen daders zijn, als ze meegaan in moorddadig beleid omdat ze ervan kunnen profiteren, of als ze niets tegen de machthebbers inbrengen uit angst dat ze daarmee hun rijkdom, macht en status zullen verliezen.

Het boek gaat ook over bureaucraten die routinematig moreel onjuiste opdrachten uitvoeren, over rechters die discriminerende wetten zonder meer toepassen, over journalisten die alleen nog maar opschrijven wat de dictator wil horen, en over gezagsgetrouwe burgers die aan een kwaadaardige autoriteit blijven gehoorzamen. Maar het gaat over iedereen die wegkijkt als het noodlot en leed anderen treft.

Het boek laat aan de hand van 14 verschillende type daders en de levenslopen van talloze echte oorlogsmisdadigers, genocideplegers en terroristen zien hoe ze tot hun daden kwamen en wat de weg daarnaartoe was. Daarin ligt ook de waarschuwing en spiegel die het boek wil zijn want kijkend naar de wereld om ons heen, zie ik de voor mij zo herkenbare stadia van waar het mis dreigt te gaan. De apathie die er heerst en die velen laat denken: ach, het zal wel goed komen, we zijn de kwaadsten niet. We geloven liever in een rechtvaardige wereld dan dat we het gevaar erkennen waarin we verkeren. En bovendien: wij zijn toch goed? Wij deugen toch? Die houding sust ons in slaap en ook daarom heb ik dit boek geschreven: om te laten zien hoe gewone mensen daders werden en hoe we allemaal daders, mededaders en medeplichtigen kunnen worden.

Lange tijd heb ik gedacht dat leiders als Adolf Hitler, Jozef Stalin, Saddam Hoessein, Mao Zedong, Pol Pot en Bashar al-Assad het probleem waren, maar zij kunnen alleen aan de macht blijven als ze voldoende steun uit de bevolking krijgen en als belangrijke instituties zoals het leger, de politie, het overheidsapparaat en de rechterlijke macht hun beleid accepteren. Het grootste probleem van deze tijd is zodoende niet de opkomst van de destructieve leider, maar van de volgers: van degenen die hem als leider kiezen en vervolgens meegaan in zijn destructieve beleid.

Dit boek laat de voorbeelden zien van daders die een destructief leider volgden, omdat ze in hem geloofden en de wereld beter wilden maken. Ze dachten dat zij goed waren en dat zij het kwaad moesten bestrijden, maar juist door dat te geloven deden ze zelf gruwelijke dingen, of raakten ze daarbij betrokken. Weer anderen profiteerden van de situatie uit opportunisme of dachten verder helemaal niet na en keken zwijgend toe, zoals wij nu ook veelal zwijgend toekijken naar wat er in Gaza, Oekraïne en Soedan gebeurt.

Het boek is gebaseerd op 30 jaar onderzoek. Mijn eigen bevindingen en conclusies, de inzichten die ik kreeg, hebben mij gevormd tot wie ik ben. Het boek gaat namelijk niet alleen over daders. Het gaat over de menselijke natuur en de huidige staat van de wereld. Het gaat over wat en wie de mens is en het gaat ook over jou en mij. Het boek is daarbij bedoeld als waarschuwing, als spiegel. Het helpt te verklaren waarom de wereld is zoals die nu is, met alle brandhaarden die er zijn: de voortdurende genocide in Gaza, de oorlog in Oekraïne en het geweld in Soedan om maar een paar extremen te noemen.

**

Benieuwd wat Alette Smeulers hier nog meer over te vertellen heeft? Meld je aan voor de boekpresentatie met nagesprek op dinsdag 25 november.