“Art is Therapy” | De Staat van de Creatieve Stad 2017

Zoals uitgesproken door Harriët Duurvoort tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst.
Reageer

Op 10 januari heeft columnist en journalist Harriët Duurvoort, in aanwezigheid van wethouder Kajsa Ollongren en een volle zaal genodigden, de zesde Staat van de Creatieve Stad uitgesproken tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst van Pakhuis de Zwijger. Omdat we vinden dat deze toespraak niet in besloten kring moet blijven, hierbij voor iedereen de tekst in beeld en geschrift. Op een creatief en inspirerend 2017!

De Staat van de Creatieve Stad – Art is therapy

Dag allen,

Ik vind het een eer om hier voor jullie te staan. Heb overwogen deze speech in plat Amsterdams uit te spreken, omdat ik als mokumse migrant in Rotterdam, als creatieveling ooit gezwicht voor de lage huizenprijzen, hier nu toch voor een zaal Amsterdammers sta. Maar je kunt het meiske uit mokum halen, maar mokum nooit uit het meiske. Ik ben en blijf Amsterdammer. En wat hou ik van deze bruisende, kosmopolitische stad. Waar strakgetrimde hipsters met creatieve carrières noodgedwongen door de absurde huizenprijzen naar de rafelranden van de stad worden gedreven. Of naar Rotterdam natuurlijk, maar daar hebben we het nu even niet over. Dat creatieve bloed is goed hoor, voor die achterstandswijken in suburbia. Want creatieven maken het prompt gezellig. In een oogwenk zit er om de hoek een tentje waar een barista een perfecte ristretto weet te maken. Want zo vieren wij creatieve stedelingen het leven.

Maar maak je ooit echt contact, in die nieuwe buurt die je aan het verhippen bent? Je zou dat Turkse theehuis op de andere hoek van de straat, vol oude mannen die tavla, Turkse backgammon, spelen onder de tl-lampen, niet eens durven binnenlopen. Ik ook niet hoor. De bruine kroeg van tante Toos met haar tijdloos opgetiste blonde suikerspin, loop je ook voorbij. Perzische tapijtjes op de tafels, voor de rest is het vooral afgeven op alles dat uitheems is. Aan de bar, een handvol vaste uitbuikende kroegtijgers. Ze kankeren wat af. Zelfs op jullie hebben ze het niet. Tering die wegkijkende hippe elite is maar een tandje minder erg dan dat Marokkanentuig. Ze zijn hoopvol over de toekomst, want Geert, hun grote held, is aan de winnende hand.

En praat niet van de paar puberende Marokkaanse kwajongens bij de buurtsuper. Die filmpjes online zetten van boodschappenkarretjes die ze van oude Hollandse oma’tjes weggrissen. In de hoop op five minutes of fame als bloedirritant tuig bij Pauw en een contract bij Top Notch, zodat ze een smoothe clip met rondbebilde chimai’s kunnen schieten in Dubai.

We leven, vrolijk of diep ongelukkig, langs elkaar heen. En toch, in 2017 is het tijd voor een gesprek. De grote stad is niet alleen een diep verzuilde samenleving, het is de multiculturele verzuiling die in het hier en nu de grootste politieke en maatschappelijke uitdaging van het moment vormt.

Ik wil optimistisch zijn, maar realisme gebiedt me wel onder ogen te zien dat we afstevenen op een historische verkiezingszege voor de PVV. In de VS loopt Trump zich warm voor zijn troon. De burger is boos, bang, voelt zich bedrogen door de politiek, bedreigd door de nieuwe medemens. (Zucht) Wat ben ik blij dat de stoomboot weer terug is naar Spanje, trouwens. Even rust. Nou ja, wij hebben thuis een oergezellig heerlijk avondje gevierd hoor, met een doodgewone veegjespiet. Maar dat zwarte Pietendebat is zo grimmig geworden. En och, als er één woord is dat de knuppel in het hoenderhok gooit, toehoorders op de kast jaagt en zo vaak elke discussie doodslaat is het wel ‘ racisme’. Het is een beladen woord, hoewel het een mechanisme is dat lang niet altijd bewust en opzettelijk speelt. Tenzij je het aan de kaak wil stellen, dan komt men van de weeromstuit ineens welbewust racistisch uit de hoek. Vermoeiend. De tijd zou meer dan ooit rijp moeten zijn het beestje bij de naam te kunnen noemen, op een open manier, met de bedoeling er over te kunnen praten. Want juist het onbedoeld uitsluiten is iets waar men zich gewoon van bewust moet worden gemaakt. Zakelijk en zonder moreel verwijt.

In het kielzog van dat debat werd pijnlijk blootgelegd dat Nederland nauwelijks kennis heeft van het koloniale erfgoed, laat staan daar goed op kan reflecteren. Een natie die zich trots voorstaat op de VOC en het humanisme van Erasmus, maar grote moeite heeft te erkennen dat het tegelijkertijd eeuwenlang een heersende slavennatie was, en dat slavernijverleden een nog altijd grote impact heeft op Afro Surinaamse en Antilliaanse Nederlanders. Ik heb in elk geval altijd geworsteld met het predicaat allochtoon of buitenlander. Wijlen mijn oma leerde op de kweekschool, in de roaring 20’s van de vorige eeuw in Paramaribo, immers al dat de Rijn bij Lobith ons land binnenstroomde. Inburgeringscursus avant la lettre?

Diversiteit is een blijvend kenmerk van ons publieke domein. Nieuwe zuilen, nieuwe culturele tradities, nieuwe zienswijzen die soms op gespannen voet staan met oude tradities. Daarnaast culturele kruisbestuiving en het ontstaan van nieuwe mengculturen en straatcultuur. Voor het eerst is Nederland zich bewust van het bestaan van een ‘ ons.’ Een ‘ wij’. En dat kan confronterend zijn. Het lijkt heel nobel om geen kleur, geen verschil te willen zien. Maar het is ook heel makkelijk. Wie kleurenblind is, ziet niet dat iedereen wit is. En ontkent de identiteit van de ander. Dat geldt ook in de culturele sector.

Culturele diversiteit is een wezenskenmerk van het hier en nu en tegelijk een van de grootste maatschappelijke uitdagingen van deze tijd. We zijn zo gespannen. Maar het kan nog erger.

Ik ben zo bang dat het misschien ook hier gaat gebeuren, ook hier. Een aanslag, zoals in Brussel, Istanbul, Parijs, Nice of Berlijn. Hoe lang zitten we nu al niet op dat hoge dreigingsniveau in Nederland?

Mijn Parijse vriendin Julie, inwoner van dat getroffen 11e arrondissement, vertelde mij dat ze het een jaar lang redelijk verwerkt dacht te hebben. Maar toen onlangs de Bataclan na een jaar heropend werd, kreeg ze zo’n aanval van hyperventilatie dat de dokter moest aanrukken. Alle buren zijn aan de kalmeringspillen. En zij, een mid veertiger, tweede generatie Kameroenees Francaise, opgegroeid in en een exponent van multicultureel Frankrijk, een bureau runnend voor Afrikaanse kunst en design, ziet tot haar ontsteltenis hoe dat multiculturele tot op het bot wordt afgebroken. Home grown terror, uit de banlieues, waar haar halve familie woont. De allesverlammende angst voor terreur gaat hand in hand met de angst voor een samenleving waarin alle sociale cohesie aan het afbrokkelen is. De enige veerkracht haalt ze uit positief blijven, zegt ze. Verstand op nul en doorgaan. Maar daarnaast: Art is therapy. Beter dan slaappillen. Troostende schoonheid en verwondering.

Art is therapy.

Ik heb een hoge pet op van de reikwijdte van kunst, ook in maatschappelijke zin. Het is niet de functie van kunst, maar wel een aantrekkelijk en in deze tijd hoognodig bijproduct. Dat juist creatieve geesten, met hun dwarse manier van denken, originele invallen en onafhankelijke geest een rol opeisen in een samenleving die zich steeds meer terugtrekt in starre hokjes, die elkaar tot op het bot wantrouwen.

Al is de toekomst ongewis, kunst, cultuur en creativiteit kunnen soelaas bieden. Schoonheid, troost, begrip. Schokken, provoceren, nog bozer maken. Verrassen, verwarren, nieuwe inzichten bieden. Dat alles is therapie.

Mijn vraag aan u is: Wat doen creatievelingen? Wat kan kunst bijdragen aan de samenleving?

Meer dan ooit roept deze tijd om geëngageerde kunst en cultuur. Prikkelende en provocerende uitingen. Dit is een pleidooi voor radicale maatschappelijke betrokkenheid van kunstenaars. Pomp creatief bloed in die samenleving die bol staat van populisme, wantrouwen en huiver. Een spannender tijd voor urgente kunstuitingen is nauwelijks denkbaar. Waardeer het, dat het schrijnt, knarst en barst.

Mijn hoop is in het bijzonder gericht op biculturele creatieven. Een meer zichtbare, eigenzinnige voorhoede van makers van verschillende afkomst kan een interessante impact hebben op de dynamiek van de multiculturele samenleving. Nogmaals, het hoeft nooit de functie van kunst en cultuur te zijn om maatschappelijke impact te hebben, maar het is wel welkome bijvangst.

Ik hoop daarom op een groeiende, zichtbare, invloedrijke, cultureel diverse, creatieve voorhoede. Die nuanceert het beeld van het multiculturele drama. Zij zorgt voor de dwarse, individuele, eigenzinnige, intellectuele, frisse of hippe tegengeluiden in het multiculturele debat. Zet door, ik besef dat het net wat pittiger is om toegang te krijgen tot de mainstream media dan als tuigvlogger of jihadsympathisant, maar toch.

Een cultureel diverse creatieve voorhoede biedt tegengewicht aan het benauwende conservatisme en gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel van de allochtone probleemgroepen in de achterstandswijken. Produceert denkende rolmodellen. Zo zijn ze een onmisbare emancipatoire factor. Niet alleen politici en publicisten, maar vooral ook kunstenaars spelen hierin een prominente rol. Zij vormen een voorhoede van vrije denkers en makers. Die geen pasklare antwoorden hebben op ingewikkelde problemen, maar die aan het denken zetten, schokken, aan het lachen maken. Juist kunstenaars schoppen heilige huisjes omver, ook binnen hun eigen gemeenschap.

Meer dan ooit is het daarom tijd om ruimte te maken voor makers met een andere achtergrond, andere verhalen en perspectieven.

Waarin ligt die bijzondere creativiteit van makers die naast Nederland ook elders geworteld zijn? Het leven met een dubbele achtergrond heeft impact. Leven in een 21ste eeuwse Europese multiculturele samenleving zoals de onze daagt je voortdurend uit je waarden en waarheid speels op de proef te stellen. Het verkennen van identiteit, en vooral het omgaan met het spanningsveld tussen de persoonlijke en de groepsidentiteit, tussen de wortels en de vleugels, is een gewaardeerd thema in kunst, cultuur en literatuur, maar wordt nog te veel vanuit een traditioneel wit perspectief verteld. Juist anno nu zou men nieuwsgierig moeten zijn naar verhalen en producties die andere culturele identiteiten verkennen.

Kunst heeft universele waarde, stijgt uit boven sekse, klasse, kleur of culturele achtergrond. Maar het is wel zo dat de ervaring en belevingswereld van een kunstenaar, theatermaker of choreograaf met een andere culturele achtergrond anders is, of hij of zij dit nu artistiek wil uiten of niet. Een maker die zich verhoudt tot wat er in de wereld gebeurt, raakt mij. En al helemaal als ik me in zijn of haar belevingswereld kan verplaatsen, want dat is niet vanzelfsprekend.  Het hebben van een andere achtergrond is een ervaring die een rol speelt in je leven. Het doet ertoe, linksom of rechtsom. Heeft effect op hoe je in de samenleving en je gemeenschap staat en vice versa. Maar natuurlijk hoeft een ‘etnische’ kunstenaar helemaal niet de behoefte te hebben om met zijn of haar werk ook maar iets maatschappelijks, politieks of etnisch uit te drukken. Best kans dat iemand zelfs geen enkele behoefte heeft zichzelf op deze manier te profileren. Het levert je waarschijnlijk alleen maar stigma’s op die je belemmeren in je erkenning door de ‘echte’ kunstwereld. Maar hoewel ik prima van allerlei kunstuitingen kan genieten, voel ik mij op een bijzondere manier aangesproken door kunstenaars die een andere achtergrond hebben. Of de maker zo’n respons beoogt, is mij volstrekt irrelevant. Ik vind het gewoon leuk om mij als kijker eens in een maker te kunnen verplaatsen, want dat is zeldzaam. Erkenning, herkenning, opluchting, trots, nieuwsgierigheid, ontroering, verwondering, ergernis, verbazing, razernij, inspiratie. Alles wat goede kunst moet losmaken en net dat beetje meer omdat je je met de maker en zijn of haar perspectief kunt identificeren. Juist de individuele expressie is heel interessant voor een publiek dat zelf ook een product is van het als individu wortel schieten in een nieuwe samenleving. Van het jezelf definiëren, afzetten, vinden, verliezen en herpakken binnen de babylonische kaders van je dagelijks leven. Of een kunstenaar inspiratie ontleent aan zijn of haar afkomst of zich er juist verschrikkelijk tegen afzet; het is een boeiend commentaar van een kunstenaar op de biografie van zijn wortels en de vertakking van zijn persoonlijke identiteit in het hier en nu. En juist ook als dat commentaar neutraal is, eigenlijk helemaal niets lijkt te impliceren, is het interessant. Elk scenario is immers zeer herkenbaar.

Het is de artistieke expressie, van individuen uit verschillende culturele tradities, die boven hun achtergrond uitstijgt. Juist daarom moeten we ons als publiek in een multiculturele samenleving aan elkaars producties laven.

Ik doe ook een oproep aan cultuurfondsen om te blijven investeren in makers van verschillende afkomst. Diversiteit gaat óók om representativiteit. Van verschillende kleuren en van verschillende culturele perspectieven. Ook binnen de kunst en cultuur is het meestal nog één soort individueel geluid is dat gehoord, gezien, bejubeld en betekenisvol gevonden wordt. Natuurlijk, binnen die monotonie in achtergrond is er desondanks een grote diversiteit aan individuele expressie. Maar vertellen makers met deze ene, witte, elitaire achtergrond, zeker nu, het héle verhaal van onze samenleving? Vertellen zij alle verhalen? Iedereen die oprecht in kunst geïnteresseerd is, zou toch op zijn minst nieuwsgierig moeten zijn naar de visie van kunstenaars, schrijvers, theatermakers of choreografen met een binnen de gevestigde kunsten minder vanzelfsprekende achtergrond?

In Amsterdam lopen sporen naar elke uithoek van de wereld. Al decennia. En dus is het hoog tijd. Tijd voor een nieuwe culturele revolutie. Tijd om de kunstwereld op te schudden en voor eens en altijd te doordringen van het besef dat er iets moet gebeuren op het gebied van culturele diversiteit. Dat de kunsten zichzelf, en de intens gemengde samenleving die zij bedienen, tekort doen.

Het verkennen van identiteit, en vooral het omgaan met het spanningsveld tussen je persoonlijke en groepsidentiteit, tussen de wortels en de vleugels, is ontzettend boeiend. Net als het verkennen van al die spanningen in de samenleving. Van de zwaktes van onze maatschappij, maar ook de kracht en de veerkracht. Laat die maatschappelijke onvrede en splijting het canvas zijn voor nieuwe, urgente en prikkelende kunstuitingen. Luister naar al die verschillende verhalen. Loop dat theehuis binnen, en die oude Mokumse buurtkroeg van tante Toos, en bedenk een creatief project. De bijvangst kan zijn dat de mensen die je er bij betrokken hebt zo verbluft zijn van alle maffe, dwarse en nieuwe inzichten en invalshoeken dat hun geprikkelde geest zich een klein beetje opent. Want kunst kan therapeutisch zijn voor de samenleving. Helende kunstuitingen, ik teken ervoor.

Pakhuis de Zwijger presenteert
De Club van 750
Lees verder

Onze programma's worden financieel mede mogelijk gemaakt door: