Verslag: De Circulaire Stad #26

Bouwen met kringlopen #2
Reageer

· Dit verslag is geschreven door Lobke Alkemade ·

30 november 2015: dag 1 van de 21e klimaatconferentie in Parijs én de dag dat bij Pakhuis de Zwijger het circulaire bouwen weer onder de loep wordt genomen. Wat de uitkomst van beide bijeenkomsten ook mag zijn; we gaan in ieder geval goed van start.

Circulair bouwen: jong geleerd is oud gedaan

Circulair bouwen: jong geleerd is oud gedaan

Hennes de Ridder, Hoogleraar Integraal Ontwerpen TUDelft, vertelt hoe het er anno 2015 voor staat: helaas nog niet al te best. We recyclen en we downcylcen, maar circulair bouwen of upcyclen, waarbij de elementen hun waarde behouden of zelfs in waarde worden vermeerderd, wordt nog maar mondjesmaat toegepast. Niet zo gek: zolang de elementen bij de bouw stevig aan elkaar vast worden gepurd, gelijmd, gelast en gemetseld wordt het ons ook wel behoorlijk lastig gemaakt. De enige redelijke optie die ons dan nog rest is het verpulveren tot puin voor de aanleg van nóg meer snelwegen en nog meer tennisbanen… aldus de Ridder.

Nee, dan die oude Romeinen. Die wisten wel raad met het Colosseum toen deze niet meer in gebruik was; zij bouwden van de elementen nieuwe huizen en waren daarmee hun tijd ver vooruit.

Tegenwoordig moet elk gebouw uniek zijn, met unieke elementen, maar dit werkt het circulair bouwen tegen. Juist die elementen zouden gestandaardiseerd moeten worden. Evenals de relatie tússen de elementen, anders is de lol er natuurlijk snel van af.  Zoiets als een legosteentje, maar dan met een extra toegevoegde waarde waardoor het demonteren ook echt aantrekkelijk wordt. Een zonnecelletje in een dakpan bijvoorbeeld, of het demonteren vrij van belasting maken, of… dromen mag.

Gelukkig zijn ook hier pioniers die geloven in hun ideaal en die niet alleen dromen maar ook daadwerkelijk handelen.

Menno Rubbens van Cepezed Projects is hier één van. Afgelopen maand zijn namens hem en zijn team de allereerste circulaire remontabele kanaalplaten gemonteerd voor de tijdelijke rechtbank op de Zuidas. Een bouwmateriaal dat over ongeveer 6 jaar weer 1 op 1 kan worden hergebruikt in het gebouw op een andere locatie. Een maker voor het gehele product was echter lastig te vinden. Geen bouwbedrijf die een product wilde maken met zo een lange levensduur dat het maken ervan eigen broodroof zou zijn…

Bas Slager van Repurpose, ook een pionier, is een enthousiast circulair bouwer. Alle wandlampjes, elke deur, elke vensterbank, zelfs elke dranger moest een nieuwe plek krijgen bij de transformatie van het oude Shellkantoor in Den Haag. Flink veel research was het gevolg. Slager pleit dan ook voor een database waarin de aannemer zijn materialen en elementen opslaat in een 3Dmodel. Daarna zou de eigenaar dit up-to-date moeten houden zodat bij een eventuele ‘sloop’ op gemakkelijke wijze kan worden gezien waar de kansen liggen voor hergebruik. Dit zou onnodig werk kunnen voorkomen.

Jurriaan Knijtijzer van Finch Buildings pakt het net iets anders aan. Zijn circulair bouwen bestaat uit hout, heel veel hout. Hout dat zich vormt tot een massief houten blok. Dat op te tillen is, te verplaatsen en te verbouwen van studentenwoning tot hotel tot luxe villa. Allemaal gebaseerd op één enkele module. Het liefst bouwt Knijtijzer alles circulair, van wasmachine tot cv ketel, maar dat blijkt nog lastig omdat deze uit zo veel losse elementen bestaan. Zo’n flexibel product vraagt om een flexibele financiering, maar hoe krijg je de financierder, zoals een bank, zo ver?

Elk ideaal kent zo zijn uitdagingen, blijkt ook vanavond. Het panel, bestaande uit Mari van Dreumel (ministerie I&M), Hennes de Ridder (TU Delft), Pieter Zwart (FGH Bank), Marnix Muller (ministerie EZ) en Fokke van Dijk (Rijksvastgoedbedrijf), praat mee en geeft hier en daar al wat hoop voor de toekomst.

Wetgeving aanpassen aan circulair bouwen klinkt bijvoorbeeld ingewikkeld maar is niet onmogelijk. Het verleggen van de belastingen van arbeid naar product om het bouwen van de standaardelementen en het hergebruiken ervan aantrekkelijker te maken is een kans die zeker onderzocht moet worden.

Zoiets als een database van materialen of een Marktplaats voor bouwelementen is zelfs al gedeeltelijk in de lucht. Rau Architecten heeft al verschillende projecten afgerond waarbij het gebouw is voorzien van een grondstoffenpaspoort met daarin alle materialen die in het gebouw zijn verwerkt. Zo kunnen alle grondstoffen opnieuw worden gebruikt wanneer het gebouw in de huidige vorm overbodig wordt.

Ook flexibele financiering of nieuwe vormen van financiering behoren tot de mogelijkheid. Door als bouwer in het bezit te blijven van het her te gebruiken product kan flink op de kosten bespaard worden door beide partijen. De aanbieder wordt hiermee een dienstverlener in plaats van een verkoper en blijft dus in het bezit van het product en dus de grondstoffen en het hergebruik, wat ten goede komt aan het product. De waarde stijgt.

Een positief geluid zo aan het einde van de avond. Als het in Parijs aan het eind van deze week ook zo mag klinken gaan we met z’n allen wellicht toch nog de goede kant op…