Van concurrentie naar co-creatie

Verslag van de stadexpeditie van het leernetwerk naar Lelystad.
Reageer

Op donderdag 18 oktober kwam het Leernetwerk samen in de Zuiderzeewijk in Lelystad. Een wijk waar vele burgerinitiatieven, de gemeente en maatschappelijke organisaties actief zijn. Er werd gesproken over de verhoudingen tussen deze initiatieven en organisaties, en op welke manieren er gezorgd kan worden dat de focus op co-creëren in plaats van concurreren komt te liggen. Hoe kunnen deze verschillende stakeholders elkaar optimaal ondersteunen, ten behoeve van de buurt? Een kort verslag van de stadexpeditie naar Lelystad.

Het programma startte in het wijkcentrum Zuiderzee, voor een eerste kennismaking met de casuïstiek van het leernetwerk in Lelystad. Mira Vendrig (Ideeënmakelaar, gemeente Lelystad) vertelde over de vele initiatieven die actief zijn in de wijk, en hoe die initiatieven zich ten opzichte van elkaar en andere actoren in de wijk (gemeente, welzijnsorganisatie en het maatschappelijk midden) verhouden.

Vervolgens namen Mari Smits (historicus), Janneke van Eerde (gemeente Lelystad) en Mila Romijn (initiatiefnemer, stichting Met Inzet Lukt Alles) het leernetwerk mee de Zuiderzeewijk in. Met welke problemen kampt de wijk (achterstallig onderhoud, armoede, vergrijzing), tot welke oplossingen zijn buurtbewoners als Mila gekomen (zoals Mila’s schilderproject, waarbij buurtbewoners met en voor elkaar huizen opknappen, en daarbij niet alleen duizenden euro’s besparen, maar ook bijdragen aan de sociale cohesie in de wijk). Maar ook: op welke manieren ondersteunen de vele initiatiefnemers in de wijk elkaar, of zitten ze elkaar juist in de weg?

Tijdens de lunch kwam het gesprek op de huidige rolverdeling en communicatie tussen de gemeente en burgerinitiatieven. Hierbij bleek dat deze samenwerking niet alleen op wijk-, maar ook op Rijks-niveau, uitdagingen kent. Daarnaast brengt de komst van de Omgevingswet vragen en onzekerheden met zich mee: gemeenten weten nog niet altijd hoe ze hier invulling aan moeten geven. Wat betreft de concurrentie tussen verschillende burgerinitiatieven bleek dat in Lelystad met name te gaan over dezelfde doelgroep, en ziet zozeer over de financiën: het budget dat de gemeente voor burgerinitiatieven beschikbaar heeft gesteld, wordt niet volledig gebruikt (in tegenstelling tot vele andere steden).

De volgende stap voor het burgerinitiatief

Na de stadswandeling en de lunch keerde het leernetwerk terug naar het wijkcentrum Zuiderzee. Daar deelde Martine Bomhof (oprichter van het initiatief BRAM), haar ervaringen in de samenwerking/concurrentie met de gemeente en het maatschappelijk middenveld. Martine maakt zich zorgen dat de groei van haar initiatief er toe gaat leiden dat welzijn BRAM overneemt.

©Sjaak Kruis, presentatie BRAM door Martine Bomhof.

Hoe kan voorkomen worden dat een succesvol burgerinitiatief uit de handen glipt van de burgers die het zijn gestart? Welke ruimte kan er gecreëerd worden voor een initiatief als BRAM?

Het leernetwerk opperde het opsplitsen van het initiatief in kleinere groepen (zodat de oude subsidieverstrekking voortgezet kan worden), of de inrichting van een regelvrije zone, waarbinnen BRAM als burgerinitiatief (en niet als verkapte welzijnsinstantie) kan blijven bestaan. Daarnaast blijkt ondersteuning bij organisatorisch en operationele zaken een duidelijke behoefte, waarin zowel de gemeente als het maatschappelijk midden zouden kunnen voorzien.

Aansluitend op Martine haar verhaal, zette Manish Dixit (Public Result) het gesprek op scherp over de verschillende rollen van stakeholders in de wijk (gemeente, welzijn/maatschappelijk midden, en de burger). Aan de hand van stellingen daagde hij de verschillende aanwezigen uit om de pijnpunten in deze samenwerking aan te wijzen: moet een burgerinitiatief (ongeacht de grootte) altijd aanspraak kunnen maken op subsidie als het een publieke (aka gemeentelijke) functie vervult; of hangt subsidie verstrekking af van de grootte van de maatschappelijke impact? En is professionaliseren de enige manier van volwassen worden als initiatief, of zijn er alternatieven die inzetten op ontzorging en ondersteuning, in plaats van controle en/of overname?

De Sociale Ontwikkelingsmaatschappij

Als nieuwe stip op de horizon voor de samenwerking tussen overheden, organisaties en burgerinitiatieven presenteerde Manish de pilot De Sociale Ontwikkelingsmaatschappij. Een model waarin stakeholders uit verschillende hoeken samenkomen om -terwijl het burgerinitiatief centraal blijft staan- zo groot mogelijke maatschappelijke impact te realiseren.

Manish omschreef hierbij drie fasen van ontwikkeling onder burgerinitiatieven, die allen hun eigen uitdagingen kennen. In de beginfase (‘de ideeën fase’) is de haalbaarheid van het plan het grootste struikelblok. In de tweede fase ligt die bij de invulling en het behoud van eigenaarschap: naarmate de hoeveelheid noodzakelijke kennis en ervaring toeneemt, moet er gewaakt worden voor een verschuiving in de samenwerking tussen burgers én experts naar enkel experts (want met enkel experts, is het geen burgerinitiatief meer). In de laatste fase, de uitbreidingsfase, zijn het vooral nieuwe/extra regels die voor obstakels zorgen (zoals in het geval van BRAM). Goede afspraken omtrent de samenwerking tussen de verschillende partijen is dan van extra belang, aldus Manish Dixit.

Vanuit het idee van de Sociale Ontwikkelingsmaatschappij, moet voor die laatste fase een kleinschalig, maar divers bestuur gevormd worden, bestaande uit: mensen die de buurt en doelgroep goed kennen (burgers), (welzijn)professionals en ondernemers; en de gemeente. Hierdoor kunnen snelle beslissingen gemaakt worden, gebaseerd op een breed spectrum aan perspectieven en ervaringen. Binnen deze DEAL-constructie van Public Result levert het bestuur de facilitaire ondersteuning (kennis, ruimte, financiën etc.), terwijl het burgerinitiatief het eigenaarschap rondom het project behoudt (zie plaatje #2 hierboven).

Naar aanleiding van deze presentatie is het leernetwerk in twee groepen gesplitst en met een casus aan de slag gegaan. Uit de groep kwamen verschillende reacties op Manish zijn verhaal: waar de één zorgen uiten over de noodzaak van nóg een instituut (het bestuur), zag de ander wel degelijk een nieuwe vorm van samenwerking tussen de verschillende partijen voor zich.

De Stadexpeditie werd afgesloten met een kleurrijk benefiet diner, met bewoners en initiatiefnemers uit de wijk, georganiseerd door Voedselbank Jediah.