Hoe Nederland leeft met water

Na de storm Sandy in de Verenigde Staten moest het land een manier vinden om met water te leven, in plaats van er altijd weerstand aan te bieden. Henk Ovink zag een uitdaging en ging die aan.
Reageer

Russell Shorto is schrijver van de bestseller Amsterdam: geschiedenis van de meest vrijzinnige stad ter wereld en journalist bij The New York Times Magazine. Voor de NY Times schreef hij begin dit jaar een artikel over hoe Nederland leeft met water: How to Think Like the Dutch in a Post-Sandy World. Een korte samenvatting.

Tot Henk Ovink naar de VS vertrok in 2013, was hij waarnemend Directeur Generaal Ruimte en Water en directeur Nationale Ruimtelijke Ordening bij het ministerie van Infrastructuur & Milieu. De spanning was er voor hem af. Nederland is in de afgelopen eeuwen zo’n expert geworden in watermanagement dat de zaken goed op orde zijn. Een watercrisis is er zelden meer bij. Watermanagement bestaat uit dijken, dammen en windmolens, de Delta Werken uit de jaren vijftig van de vorige eeuw. En door de toenemende bedreiging van klimaatverandering wordt er nu op nog hoger niveau nagedacht over water.

In Rotterdam bijvoorbeeld, worden drijvend huizen en kantoren gebouwd. En onder pleinen in de binnenstad worden kraters gegraven die het grootste deel van het jaar gebruikt worden als basketbalveld, maar bij extreme regenbuien vollopen en zo een te grote druk op de straat voorkomen. Aan dit soort oplossingen moet je altijd denken, volgens Henk Ovink. Bij ieder bouw- of herbouwproject moet je stilstaan bij ecologie, economie, infrastructuur en wat er gebeurt bij grillige weersomstandigheden.

Een ander innovatief voorbeeld is Ruimte voor de Rivier. Dit project is gestart omdat Nederlandse rivieren steeds vaker te maken hebben met hoge waterstanden: ze krijgen meer regen- en smeltwater te verwerken, terwijl ze tussen de dijken maar weinig ruimte hebben. De kans op overstromingen neemt hierdoor toe. Ruimte voor de Rivier pakt dit probleem aan om de waterstand weer omlaag te brengen. Door het verleggen van dijken, graven van nevengeulen en verdiepen van uiterwaarden. Als het project klaar is, moet het niet alleen de kans op overstroming verkleinen in bijvoorbeeld Nijmegen, maar zelfs in Duitsland en verder weg.