De Zwijger spreekt met… Kauthar Bouchallikht

Over Groene Moslims, economische rechtvaardigheid en over zorg en verantwoordelijkheid voor mens en planeet.
Reageer

Kauthar Bouchallikht zet zich als freelancer vanuit verschillende functies en veelzijdige invalshoeken in voor klimaat en medemens. Ze vertelt over haar drijfveren, stichting Groene Moslims, DeGoedeZaak en de kracht en knelpunten die ze tegenkomt in haar werk.

Woensdag 24 april praat Kauthar mee over wie de rekening betaalt van het getreuzel rond klimaatbeleid tijdens de Meet Up Eerlijk klimaatbeleid voor iedereen in Pakhuis de Zwijger.

Hey Kauthar! Wie ben je en wat doe je?
Hallo, dat blijft een moeilijke vraag, maar goed, mijn naam is dus Kauthar, en ik probeer me onder andere met mijn werk als freelancer in te zetten voor een iets betere wereld. Dat komt op verschillende manieren tot uiting; in het schrijven van stukken, in het hosten van avonden, in het geven van workshops, maar ook in het proberen goed te zijn voor de buren, en door vriendelijk te zijn als iemand me aanspreekt op straat. Ook ben ik voorzitter van stichting Groene Moslims. Die stichting heeft als doel vanuit islamitische principes en waarden bij te dragen aan een duurzamere wereld en levensstijl. We organiseren workshops die gaan over ethisch consumeren, geven lessen aan scholieren om ze van jongs af aan mee te geven dat het belangrijk is goed om voor de aarde te zorgen, en we organiseren activiteiten in de natuur, zoals afvalrapen op het strand. Vanuit Groene Moslims waren ook mensen die meeliepen met de Klimaatmars voor eerlijk en ambitieus klimaatbeleid, en we lopen dit jaar ook mee met de Nacht van de Vluchteling om aandacht te vragen voor klimaatveranderering en te proberen het het leed voor anderen te verzachten. Ook werk ik als campaigner voor DeGoedeZaak, dat mede-organisator was van de Klimaatmars van 10 maart, en zich bijvoorbeeld inzet voor het kinderpardon, waardoor er steeds meer druk is vanuit de samenleving op de politiek om op een andere manier met vluchtelingenkinderen om te gaan.

Wat is je motivatie om je met deze onderwerpen bezig te houden?
Een van de dingen die belangrijk voor me zijn is het geloof. Ik geloof dat het belangrijk is om er voor anderen te zijn, om de wereld ietsjes beter te maken en te voorkomen dat mensen in zwakkere posities het meest lijden. Want ook als het gaat om klimaatverandering, zitten wij hier in Nederland nog relatief veilig. Er zijn mensen, wereldwijd, die echt al last hebben van klimaatverandering, en daar al direct de gevolgen van ondervinden. Dan is het heel belangrijk om te beseffen dat wat we hier doen heel veel impact heeft op anderen, ook al merken we daar zelf gewoon niet zo veel van. Het geloof helpt mij om daarvan bewust te zijn. Het leven van een persoon aan de andere kant van de wereld is ook door God gegeven en net zo belangrijk. Wat kracht geeft, en hoop, is om dan weer te zien hoe mensen allemaal proberen hun steentje bij te dragen. Want het kost best veel om iets van Nederland te maken. Soms wordt iemand letterlijk bij een demonstratie in elkaar gemept, maar het kan ook psychologisch zwaar zijn door allemaal negatieve reacties die mensen over zich heen krijgen. Wat ik mooi vind is dat je dan als groep een veilige haven aan elkaar kan bieden, elkaar energie kan geven, en dat je elkaar begrijpt. Met een paar organisaties kan je best veel voor elkaar krijgen, maar je krijgt het meest voor elkaar als je de kracht van de burger daarin meeneemt en de samenwerking zoekt, het eigen talent en de expertise van elk individu bij elkaar brengt, daarin samenwerkt, en gelijkwaardige verbanden opzoekt. Het proces dat we elkaar daarin opvangen en waar mogelijk ondersteunen, dat vind ik heel mooi.

Wat zijn de uitdagingen waar je tegenaan loopt?
Het intersectionele vind ik belangrijk, want de ene vorm van onrecht gaat ook over de andere vorm van onrecht. Bij klimaatverandering zijn het bijvoorbeeld vooral de armere vrouwen in het zuiden van de wereld die het meest geraakt worden. Maar je ziet vaak een ‘ver van mijn bedje’ van ‘oh, wat buiten mij om, daar in het zuiden gebeurt, dat is de ander en heeft niet zoveel met mij te maken’. Heel veel zaken spelen mee, sociaaleconomische achtergrond, maar ook racisme en seksualiteit. Er zijn bijvoorbeeld ook Feministen die zeggen dat een vrouw met hoofddoek per definitie onderdrukt is, en als ik dan zo word benaderd als vrouw, dan denk ik ‘oke, we strijden allebei voor de gelijke rechten van een vrouw, maar je erkent daarin niet mijn gelijkwaardigheid omdat ik een hoofddoek draag, en daarvoor kies.’ Of bijvoorbeeld, stel je maakt klimaatbeleid waarbij grote vervuilende multinationals worden gespaard en er wel mensen wel worden gered, maar het is alleen betaalbaar voor mensen die heel veel geld hebben, wat doe je dan? Dan delven mensen met een bepaalde sociaal-economische achtergrond het onderspit. Dus dan heb je niet gekeken naar de economische rechtvaardigheid. En als het gaat om klimaatracisme, dan gaat het er ook over dat als er ergens een natuurramp gebeurt in een land waarvan sommige mensen de naam niet uit kunnen spreken, dat daar veel minder aandacht voor is. Als hier dan een paar zomers wat warmer zijn, dan hebben we pas aandacht voor klimaatverandering, terwijl elders mensen doodgaan.

Hoe verander jij de wereld?
Het is een vraag of ik überhaupt de wereld verander. Ik probeer het, door op verschillende manieren een steentje bij te dragen met alle menselijke beperkingen die ik heb. Ik geloof dat God elk persoon een waarde en talenten heeft gegeven, en ik hoop dat ik met alles wat ik van God heb gekregen bijdraag om zoveel mogelijk weer terug te geven en daarin ook weer van anderen terugkrijg. Hierin denk en hoop ik dat je vanuit het individuele het systematische kan veranderen, als je daarin ook constant bewust bent van wat je wel of niet kan en hoe je elkaar daarin nodig hebt.