Het is vreselijk moeilijk om een wet te zijn

MaakdeBuurt update #3 door Karien van Assendelft, stadmaker en als wijkondernemer bekend van Tugela85.
Reageer

Deze update is geschreven door Karien van Assendelft – Tugela85

Het is vreselijk moeilijk om een wet te zijn. Tenminste, als je een wet bent die er misschien liever niet was geweest en die men ook niet overal ziet zitten. Zoals het piepkleine buurtwetje in een hoekje van de kamer, dat fluistert: “Let niet op mij hoor, jullie hebben een reuze gezellig feestje, laat mij het niet verpesten.” Toch heeft ook dit wetje zo z’n functie. Een buurman, wel betrokken maar nog niet aangehaakt, tuurt door het raam, ontdekt daar het wetje en denkt: “Hee, daar kunnen m’n buurtjes en ik wat mee!”. Ook kan het buurtwetje, bescheiden als het is, opeens strijdbaar uit de hoek komen. Wanneer er een functionaris aanbelt om te melden dat er in mei wel gele maar helaas geen rode tulpen in de voortuin mogen staan, gooit het buurtwetje z’n lichaampje in de strijd om de functionaris een betere denkrichting op te laten struikelen.

Het buurtwetje. Het belichaamt in een paar woorden onze buurtrechten en – plichten. De juiste formulering van die paar woorden is een uitdaging. Vooral als je vernieuwende inhoud wilt creëren.

In de krant las ik: “Het Europese Hof van Justitie vindt dat mensen soms het recht hebben om vergeten te worden.”

Da’s nou een mooi recht om eens uit te pluizen voor onze Buurtwet.

Het Europese Hof van Justitie… De bepaler. Wie gaat er eigenlijk over de Buurtwet? Nou, iedereen zo’n beetje. Het vorige college omarmde het idee (dat van bewoners kwam en gebaseerd is op Britse Community Rights), alle mogelijke toekomstige coalitiepartners hebben een lege paragraaf in het akkoord beloofd, de ambtenaren worden geacht de Buurtwet op te vatten als stok achter de deur om de actieve burger verplicht, gemandateerd, ordentelijk te faciliteren en de bestuurscommissies mogen op de uitvoering gaan toezien, ze zijn immers ons aller ogen en oren. Wie missen we dan nog? O ja, de burgers. Die mogen gewoon… ja, wat eigenlijk?

vindt dat… Mag een hof, als abstract (overheids)orgaan, iets vinden? Of vinden alleen burgers en bepalen organen? Of zijn we in Amsterdam inmiddels zover dat de overheid iets vindt en de burger bepaalt?

mensen… Wie, iedereen? Of krijgt alleen de actieve burger buurtrechten? Zul je net zien dat onmondige burgers en stille mantelkrachten het recht mislopen om vergeten te worden.

soms… Cruciaal maar kwetsbaar begrip. Hoe vaak, wanneer, waar en onder welke omstandigheden is ‘soms’? ‘Soms’ impliceert dat je gezamenlijk in gesprek gaat om een inhoud te bepalen die alleen op een specifieke situatie van toepassing is. Zonder dat ‘soms’ daarbij wordt ingezet als een dooie mus, als een principerecht dat niet geconsumeerd mag worden. Dat is de uitdaging voor de Buurtwet.

het recht hebben… Moet je van een recht gebruik maken? Niet elke Amsterdamse buurt wil vergeten worden. Van belang is dat een recht bestaat, niet zozeer dat je het ook neemt. Maar als je het recht neemt moet je ook de bijbehorende burgerlijke plicht vervullen: De plicht om ook je buren te vergeten.

Hoe gaat het verder als de Buurtwet er eenmaal is? Mag je dan je recht halen bij een loket waar een ambtenaar het gemandateerd voor je in een plastic tasje schuift – je mag het recht immers niet in eigen hand nemen. Daar hebben we het heft voor. “Amsterdammers nemen steeds vaker het heft in eigen hand”, wordt momenteel enorm aangemoedigd. Het Buurtheft. De Buurtheftboom. De Buurt- heeft-een-Boom. De Buurt-wil-een-Boom. En voor die boom mag je aanspraak doen op de Buurtwet.

om vergeten te worden… De mooist werkende Buurtwet is er eentje geschreven in inkt die vervliegt, zodat alleen de lege paragraaf overblijft om ons er allemaal aan te herinneren waar we het ook al weer voor doen in onze stad.